Om een kerk die verstaat wat kerk is
Algemeen
In de kerk gaat het alsjeblieft niet steeds over de kerk. Het mag gaan over mensen die opeens merken, dat er voor hen ook leven is geweest van mensen die de moeite waard zijn. En hoe ze geleefd hebben met uitdagingen en vragen die wij ook kennen. En zo ontdek je in de kerk bijbelse personen. En er zijn psalmen van David en Asaf en Mozes. Dat zijn mensen uit een ver verleden. Zij verkopen geen kletskoek. Zij houden de lofzang in ere en leggen hun leven open voor het aangezicht van God. Ze weten: als je voor Hem je hart uitstort, mag je erop vertrouwen, dat je gezegend wordt.
Rituelen
In de kerk zijn bepaalde rituelen, handelingen: doop, avondmaal, zegen. Tegenwoordig komen veel mensen ook de kerk binnen voor een begrafenis. Het leven mag waardig herdacht, overwogen en afgerond worden, want ‘als alles duister is, ontsteek dan een lichtend vuur, dat nooit meer dooft, een vuur dat nooit meer dooft’.
Reactie op je doop
In de kerk is ook de openbare geloofsbelijdenis een belangrijk punt. Het is een reactie op je doop, waarin God jou als kind van het verbond ziet. Dat je met recht en reden dankbaar bent voor die toezegging van heil, die met de doop bekrachtig wordt. Dat is helemaal Gods werk.
Avondmaal vieren en belijdenis doen van je geloof worden dan reacties op dat werk van God. Dat je net als de Ethiopiër uit Handelingen 8, die na de uitleg van de bijbel water ziet, vraagt wat is er tegen dat ik gedoopt wordt. En dat hij dan tegenover Filippus ook zoiets belijdt als: ‘Ik geloof dat Jezus Christus de Zoon van God is’’. Je zou vandaag de dag ook kunnen zeggen met Lied 866: Treurigheid wijke, vrolijkheid blijke, want Jezus wil, want Jezus wil mijn Heiland zijn (Jacob Revius).
Wat is er tegen?
Ik hoop, dat het doen van openbare geloofsbelijdenis weer wat meer gaat gebeuren. Wat is er tegen?, zou ik met de Ethiopiër willen zeggen. Daarbij is het belangrijk, dat het belijden niet alleen gezien wordt in verband met die openbare geloofsbelijdenis. Want bij het vieren van het avondmaal gaat het ook om gezamenlijk en persoonlijk belijden. ‘Samen in de naam van Jezus’ heet dat.
Wellicht is zo te zien, hoe de Heilige Geest kan werken: eerst in de kerk en via de kerk in de individu. Kerk mag kerk zijn in het krachtenveld van de Heilige Geest. Zodat we steeds opnieuw de Heer belijden (in leer en leven). Dat de catechese daarop op gericht mag zijn en dat dit zo af en toe ook expliciet aan de orde komt. Dat is een uitdaging voor het naderende nieuwe seizoen van kerkenwerk.
Dankbaarheid
Kerk-zijn is echt kerk-zijn, als de navolging van Christus in dankbaarheid beleden wordt in woord en daad. De dankbaarheid voor het offer van Christus en de diaconale hulpvaardigheid: houd die maar dicht bij elkaar.
ds. Wim Scheltens