Afbeelding
Wim Otte

Complexiteit en bekering

In het debat over de klimaatcrisis binnen de kerk klinkt regelmatig een citaat dat aan Einstein wordt toegeschreven: ‘We kunnen een probleem niet oplossen met dezelfde denkwijze als waarmee we het hebben veroorzaakt.’ Gelovigen gebruiken dit vaak om een gedragsverandering te bepleiten. Technologische oplossingen worden daarbij met wantrouwen bekeken; we zouden vooral afscheid moeten nemen van ons ‘technologische denken’.

Hoewel dit intuïtief aantrekkelijk klinkt, verhult het een gevaarlijke denkfout. Om onze rol in de schepping recht te doen, moeten we een onderscheid maken tussen het materiële systeem en het menselijk ego. Op materieel vlak ontkent de Einstein-quote hoe de natuur werkt. Op theologisch vlak zit de uitspraak dichter bij de kern. Als we naar de biologie en onze eigen kerkgeschiedenis kijken, zien we dat systemen hun kwetsbaarheden overwinnen door een nieuw niveau van complexiteit te bereiken. Neem DNA. Hoe complexer een organisme wordt, hoe langer de DNA-strengen, en hoe vatbaarder ze zijn voor dodelijke schade. Het biologische antwoord hierop is het inzetten van méér DNA om te coderen voor reparatie-eiwitten. Het systeem genereert zelf de capaciteit om zijn eigen fouten te herstellen en stabiliteit te garanderen. Ditzelfde mechanisme zien we in de ontwikkeling van de kerk. Toen de vroege huisgemeenten uitgroeiden tot een wereldwijde beweging, ontstonden er aanzienlijke uitdagingen rondom theologische eenheid en de groeiende roep om armoedebestrijding. De kerk beantwoordde deze complexiteit door nieuwe, robuustere structuren op te tuigen. Men stelde bisschoppen aan om het overzicht te bewaren, ontwikkelde uitgebreid kerkrecht om de internationale gemeenschap in goede banen te leiden, en richtte diaconale organisaties op om de naastenliefde effectief en structureel gestalte te geven.


Voor de huidige ecologische crisis geldt hetzelfde principe. De vroege industriële revolutie bracht ons ongekende welvaart én zware vervuiling. Vandaag dragen we de verantwoordelijkheid voor acht miljard mensen. We kunnen hen uitsluitend voeden en een menswaardig bestaan bieden door onze technologie verder te ontwikkelen. Precisielandbouw, onderzoek naar ontzilting en nieuwe materialen, circulaire systemen en CO2-afvang zijn onmisbare stappen in dat proces. Slimmere technologie is een voorwaarde voor het herstel van onze leefomgeving. Roepen om ‘minder groei’ en terugkeer naar vroeger zijn daarom gevaarlijk. Toch begint precies hier de theologie te spreken – bijvoorbeeld in de lijn van Bram van de Beek in zijn boek Ego (2022). De kerk mag zich niet blindstaren op techniek als bron van verlossing. Innovatie bestrijdt de materiële symptomen, maar de wortel van de crisis ligt in de menselijke hoogmoed. De moderne mens – en de kerk is daarvan niet gevrijwaard – hoopt stiekem op een Deus ex Machina: een redder die op het laatste moment ingrijpt om onze ecologische puinhoop op te ruimen. We zouden God, of ons seculiere equivalent de ‘Techniek’, het liefst inzetten om het menselijke, consumerende ego comfortabel te laten voortleven. De bijbelse realiteit is dan radicaler. In het Oude Testament zien we dat God in tijden van crisis profeten stuurt. Zij brengen een boodschap van ongemak en leggen de vinger op de zere plek: onrecht, uitbuiting, afgoderij en grenzeloze hebzucht. In plaats van de problemen van het volk glad te strijken, creëert de profeet juist een crisis. God ontregelt onze valse vrede en de illusie van maakbaarheid. Hij eist berouw en een breuk met het dominante ego. In de kerkelijke bezinning op klimaatverandering hebben we beide perspectieven nodig. Op materieel vlak is technologische vooruitgang een cruciaal instrument om de aarde leefbaar te houden en dat kan van ‘binnenuit' en vraagt om doorpakken. We mogen de gereedschappen van de schepping voluit en verantwoord inzetten. Op spiritueel vlak klopt de waarschuwing van de Einstein-quote wél: we kunnen de crisis van het menselijk ego niet bezweren met een nóg groter geloof in ons eigen kunnen. Zonder een profetische confrontatie - een besef van ons eigen falen en een afkeer van onze hebzucht - brokkelt elke klimaattechnologie af tot symptoombestrijding. We hebben complexe innovatie nodig om de schepping te dienen, en een theologische omkering om onszelf te hervinden.


Wim Otte