Afbeelding

Ds. Dirk van Duijvenbode: confessioneel met hart en ziel

Algemeen

In de vergadering van de redactie van Confessioneel-Credo van 19 november vond het afscheid van ds. Dirk van Duijvenbode als eindredacteur plaats. In 2002 werd hij secretaris van het hoofdbestuur van de Confessionele Vereniging. Een van zijn taken werd toen het verzorgen van de rubriek ‘CV-nieuws’ in HW-Confessioneel. Na de beëindiging van de bestuursfunctie bleef hij bij het blad betrokken. Hij werd vooral bekend als eindredacteur. Daar kwam eind vorig jaar dus een einde aan. In het genoemde nummer van Confessioneel-Credo werd een interview met ds. Van Duijvenbode in het vooruitzicht gesteld. Welnu: op 11 februari togen wij naar Hoek van Holland voor een ontmoeting met hem, in een strandtent.

In de vergadering van de redactie van Confessioneel-Credo van 19 november vond het afscheid van ds. Dirk van Duijvenbode als eindredacteur plaats. In 2002 werd hij secretaris van het hoofdbestuur van de Confessionele Vereniging. Een van zijn taken werd toen het verzorgen van de rubriek CV-nieuws in HW-Confessioneel. Na de beëindiging van de bestuursfunctie bleef hij bij het blad betrokken. Hij werd vooral bekend als eindredacteur. Daar kwam eind vorig jaar dus een einde aan. In het genoemde nummer van Confessioneel-Credo werd een interview met ds. Van Duijvenbode in het vooruitzicht gesteld. Welnu: op 11 februari togen wij naar Hoek van Holland voor een ontmoeting met hem, in een strandtent.

PV en JDW: Was het voor jou ‘wennen’ toen je de functie van eindredacteur niet meer had?

DvD: Zeker. In het begin dacht ik wel eens: ‘Wat heb ik gedaan?’ Want ik deed het werk best wel met plezier. Maar het werd naast het veeleisende gemeentewerk te veel, te druk. En ik vind daarnaast dat er ruimte voor een jongere generatie moet komen. Medewerking van meer vrouwen zou trouwens ook mooi zijn.

PV en JDW: Het neerleggen van de functie van eindredacteur betekent voor jou niet het afscheid van de Confessionele Beweging. Je bent nu eenmaal confessioneel met hart en ziel. Kun je daar iets meer over vertellen?

DvD: Ik ben opgegroeid in Katwijk aan Zee. Daar was (en is nog steeds) sprake van onderscheiding tussen confessioneel en Gereformeerde Bond. Er zijn tijden geweest dat je beter over partijschap kon spreken. Dan adem je in een sfeer van profilering. Confessioneel werd wel eens ‘rechts-confessioneel’. Ik hecht niet zo aan etiketjes. Het gaat mij om het belijden van Jezus Christus en ik wil positief-kritisch in de kerk staan. Het is wel zo dat de marge om in de kerk te werken voor mij als confessionele èn homo-dominee heel smal is. Dat is wel eens moeilijk.

PV en JDW: Er zijn predikanten die niet al te luid roepen dat ze confessioneel zijn. Ze zullen niet gauw reclame voor de Confessionele Beweging maken. Klopt onze observatie dat jij daar anders in staat?

DvD: Dat klopt helemaal. Als ik ergens anders voorging, legde ik na afloop van de dienst altijd wat nummers van HW-Confessioneel of Confessioneel-Credo op de leestafel. Ik deed dat ook wel bij kerkelijke vergaderingen, bijvoorbeeld de synode. Die vrijmoedigheid heb ik gewoon, ik maak sowieso van mijn hart geen moordkuil.


PV en JDW: In het afscheidsbericht in het nummer van Confessioneel-Credo van 19 november werd gesproken over de vriendschappelijke sfeer in de kring van de redactie. Kun je daar iets over vertellen?

DvD: Overal is wel eens wat natuurlijk. Maar de verhoudingen in de redactie zijn altijd goed geweest. Ik heb me er thuis gevoeld. Ik moet daar wel iets aan toevoegen. 

Toen ik ‘uit de kast kwam’, zoals dat heet, gaf dat wel wat spanningen. In die tijd heb ik vooral veel aan dr. Gert Marchal gehad. Hij stond altijd achter mij.

PV en JDW: Heb je het blad in de loop der jaren zien veranderen?

DvD: Zeer zeker. Alleen al de uitvoering. In mijn begintijd, in het tijdperk Hervormd Weekblad, werd het nog op krantenpapier gedrukt. De artikelen waren veelal enorme lappen tekst, zonder plaatjes. De afbeeldingen die er waren: in zwart-wit. Vandaag de dag is het meer een magazine met kortere artikelen en met gekleurd illustratiemateriaal. Nog iets: ik vind de ontwikkeling dat er naast themanummers ook focusnummers gekomen zijn, heel goed. Dan worden onderwerpen vanuit meerdere kanten bekeken. Ten slotte nog dit: ik heb het blad ook inhoudelijk zien verschuiven. Het is nu minder een ‘clubblad’ dan in het verre verleden het geval was. Toen stonden er bijvoorbeeld nog stukjes over jubilerende en overleden dominees in. Met andere woorden: het blad is breder, algemener geworden. Maar nog wel confessioneel, hoor!

PV en JDW: Kreeg je vaak reacties op het blad?

DvD: Ik werd er niet door overspoeld. Ik denk dan altijd: ‘Geen bericht, goed bericht.’ Als er reacties kwamen, waren die meestal positief. Het kwam wel voor dat kerkenraden een bepaald themanummer opvroegen om met elkaar te bespreken. Ach, er waren ook wel eens negatieve reacties. Die kwamen vooral van lezers die het blad te weinig belijnd vonden. Het kwam ook wel voor dat men mij op foutjes in de tekst wees. Men moet zich dan wel realiseren dat de auteurs vrijwel allemaal fulltime predikanten zijn, ik ben dat ook altijd geweest. Het schrijf- en redactiewerk moet door bijna iedereen naast een veeleisende baan verricht worden.

PV en JDW: In het stukje in het nummer van Confessioneel-Credo van 19 november staat dat het genre van zwaarwichtige theologische beschouwingen, laat staan van diepzinnige filosofische bespiegelingen niet bij jou past: ‘Hij [ds. Van Duijvenbode] schreef altijd meer vanuit de pastorale praktijk. ‘Uit het leven gegrepen’, om zo te zeggen.’ Kun je daar iets meer over zeggen?

DvD: Ja, ik schreef graag over wat ik tegenkwam. Beter gezegd: over wie ik tegenkwam. De ontmoetingen met mensen van hart tot hart inspireerden mij tot het schrijven van een bijdrage daarover. Ik ben een gevoelsmens. Ik ben confessioneel, maar wel van het bevindelijke soort. Dat zal wel met Katwijk te maken hebben…

dr. Peter Verbaan

dr. Jan Dirk Wassenaar